Cat 8.  Operaties Ned.Antillen

(door Meindert de Vreeze)

De KLM West Indisch Bedrijf gebruikte vanaf mid jaren dertig op de Nederlandse Antillen een drietal Fokker F.XVIII toestellen en Lockheeds.  Daaronder was de bekende "Snip" PH-AIS die de KLM afgeleverd kreeg oktober 1932. Deze kist was december 1934 voorzien van 8 brandstoftanks (waarvan 5 extra tanks) en daarmee werd de eerste KLM overtocht gemaakt van Amsterdam- Casablanca- Kaap Verdische eilanden- Paramaribo. Het startgewicht was maar liefst toen 6900 kg. De Snip kwam na deze lange vlucht 22 december 1934 op Hato Curaçao aan. De Snip ging vliegen vanaf Curaçao voor het West Indisch KLM bedrijf (WIB). Juli 1946 ging de Snip uit dienst.

De KLM kreeg juli 1932 de "Oehoe" afgeleverd als PH-AIO. Deze ging ook naar het KLM WIB. In juli 1935 arriveerde deze "Oehoe" met het schip s.s Boskoop op Curaçao waar het werd opgebouwd en twee weken later in dienst werd gesteld voor het KLM WIB als PJ-AIO. Na een ongelukkige landing op Aruba in augustus 1935 moest de Oehoe voor reparatie weer naar Nederland per schip, maar eind 1935 was ie weer terug maar nu met de naam "Oriol" om te gaan vliegen voor het KLM WIB. Er werden lijndiensten in het Caribisch gebied uitgevoerd (maar toendertijd nog niet naar Miami want er kwamen geen landingsrechten). 

(in 1937 kwam ook de Fokker F.XVIII "Duif" PJ-AID voor de KLM WIB maar deze werd maart 1939 verkocht aan Venezuela en had nooit een militaire taak). 

Eind jaren dertig was er sprake van dat de KLM de Fokker F.XVIII toestellen zou willen verkopen, en de Chef Marinestaf onderzocht of deze twee KLM WIB Fokker F.XVIII toestellen niet over te nemen waren voor militair gebruik. Er werd ook onderzocht of er een bommenwerp- installatie in zou kunnen. De materiaal afdeling was echter negatief over dit voornemen en er werd vanaf gezien.

In september 1939 was al de Tweede Wereldoorlog in Europa begonnen met de Duitse aanval op Polen. Een Duitse duikbootaanval in de Cariben werd niet onwaarschijnlijk geacht want op Aruba en Curaçao stonden twee der grootste olieraffinaderijen ter wereld. De ruwe olie uit Venezuela werd met tankers naar de eilanden vervoerd, geraffineerd en daarna met grotere tankers over alle wereldzeeën getransporteerd. Later zouden de raffinaderijen tijdens de Tweede Wereldoorlog op de piek maar liefst 40% van alle Geallieerde vliegtuig brandstof leveren! 

Mei 1940 werd Nederland aangevallen door Duitsland en direct besliste de Gouverneur van "gebiedsdeel Curaçao" dat vliegveld Hato een militaire taak kreeg net als het lokale KLM WIB personeel. De oorlog maakte dat vliegtuigen dus in het gebied urgent nodig waren. Er was weinig keus en door het Nederlandse Gouvernement werd besloten in juni 1940 de Oriol van de KLM WIB aanwezig op Hato "te huren". 

De KLM WIB Fokker F.XVIII Oriol werd gemodificeerd voor een militaire taak. Zo werd 1 extra brandstoftank die ooit in de "Snip" had gezeten ter plaatse ingebouwd. De Oriol kreeg een gat in de romprug voor 1 mitrailleur en twee lichte mitrailleurs welke werden aangebracht in de zijkantraampjes. In de bodem van de romp werd een los houten paneel gemaakt dat desgewenst gedemonteerd kon worden waardoor lichte bommen van 8kg met de hand konden worden afgeworpen. Via een simpele railinstallatie konden 2 dieptebommen door een opening in de rompbodem iets achter de cockpitdeur worden afgeworpen.  Verder kreeg de Oriol een militair kleurenschema met militaire kentekens. 

Er werden veel patrouilles gevlogen voornamelijk vanaf Hato Curaçao, maar nooit werd er een bom gegooid. Maar ook de civiele vluchten van het KLM WIB gingen door met zo'n 5 a 6 KLM WIB vliegers.

Het bleef rustig in het gebied. Maar een aantrekkelijk doel bleven de Antilliaanse eilanden voor Duitse duikboten. De eerste duikbootaanval kwam 15 februari 1942 in Operatie Paukenschlag met duikbootaanvallen op het Westelijk Halfrond. Zo ook rond Curaçao en Aruba waar schepen getorpedeerd werden, dus paniek! De Oriol was net in onderhoud op Hato en snel werd het zustervliegtuig  van de KLM WIB, de Fokker F.XIII Snip, de lucht ingezonden maar er werd die nacht geen duikboot gevonden. 

De Oriol bleef militaire taken uitvoeren maar ook vervoerstaken. Op een gegeven moment kreeg de kist weer een civiel KLM schema met licht linnen met een vlag op de neus. De Oriol heeft kroonprinses Juliana op bezoek op de Antillen in febrauri 1944 nog naar Bonaire vervoerd. 

In de loop van 1944 werden de Oriol (en ook de civiele Snip) nog gemodificeerd; zo kregen ze "staartwielen van de Lockheed" en andere uitlaatpijpen. De Oriol werd ook opnieuw van augustus 1944 tot november 1944 "bekleed met linnen". Mid 1946 werd de Oriol uit dienst gesteld en eindigde op de dump van Hato.

   

Lees meer over WO2 operaties op de Nederlandse Antillen...

 

fokker-f18-mdv-a

  Fokker F.XVIII "Oriol" in militaire uitvoering op Hato, Curaçao. Foto: Collectie M. de Vreeze (used with permission)

  

Registratiegegevens:
Registratie
Constructienummer
Datum in dienst
Datum uit dienst
Opmerkingen
 n.v.t
 5308
juni 1940
 1946
PH-AIO KLM kist geleverd juli 1932; PJ-AIOI, vanaf 1935 in gebruik vanaf Hato, Curaçao met naam Oehoe. Na een kraak op Aruba bij Fokker Nederland 1936 hersteld, ging terug en werd hernoemd de "Oriol".
Door regering "gehuurd KLM" en omgebouwd voor militair gebruik juni 1940. Uit KLM dienst juli 1946. 

  Bronnen o.a. [L1] MdV, [B5] Luchtv.kennis 2000-2 , 2004-4 , 1999-02 , 2015-2 , 1989-4

 

De inhoud werd voor het eerst opgesteld door M.de Vreeze zomer 2004 (op oude IPMS website)