683



ef 111 1 

merk:      Revell   (ex-Monogram)
model:    General Dynamics EF-111A  
schaal:   1/72
kit nr. :    04974
aantal onderdelen: 63
prijs:       19,95 Euro
 

Elektronische oorlogsvoering: Electronic Warfare (EW) danwel Electronic Counter Measures (ECM) genoemd. Dit houdt onder andere in dat een vliegtuig wordt uitgerust met een stevige stoorzender om vijandelijke radarsystemen op de grond of in raketten van de wijs te brengen. Begin jaren zeventig had de US Air Force behoefte aan een nieuw EW vliegtuig als vervanger van de verouderde EB-66 en EB-57 vliegtuigen. De succesvolle EA-6B Prowler was al in gebuik bij de US Navy maar de luchtmacht wilde wat anders. De Prowler was subsoon en bovendien van de marine. De F-111 bleek een geschikt toestel want supersoon zoals gewenst en groot genoeg om alle elektronische storingsapparatuur, vergelijkbaar met die van de Prowler, mee te kunnen torsen. De apparatuur kon in het bommenruim worden geplaatst met de zendantennes in een gondel daaronder en ontvangstantennes (ook nodig) werden in een grote gondel bovenop het kielvlak geplaatst. De EF-111A’s waren niet bewapend. Na een relatief korte ontwikkelingstijd met 2 prototypen zijn er 40 F-111A’s omgebouwd naar EF-111A configuratie, waarbij de eerste in 1983 operationeel werd. De toestellen zijn succesvol ingezet, ondermeer in 1991 tijdens de Golfoorlog (operatie “Desert Storm”) en een paar jaar later tijdens de oorlog in voormalig Joegoslavië (operatie “Deliberate Force”). In 1998 zijn de EF-111A’s uit dienst genomen.


Het model van Revell is een heruitgave van het Monogram model uit 1984, zoals is te lezen op de binnenkant van de romp onderhelft en - een irritant Amerikaans trekje – aan het copyright statement onderop het linker horizontale staartvlak. “Monogram” is hier wel vervangen door “Revell”. De 63 onderdelen zijn verdeeld over drie blauwgrijze gietramen en een stevig apart verpakt doorzichtig onderdeel. Goed opletten dat je die laatste niet kwijtraakt, het zit los in de gelukkig niet veel te grote doos en niet in de grote zak met ondoorzichtige onderdelen.

De oorsprong van de onderdelen is goed herkenbaar. Relatief weinig onderdelen zorgen voor veel detail in cockpit, wielbakken en onderstel. Er zijn complete motorinlaatkanalen. De oppervlaktedetails zijn heel netjes en overwegend opliggend. Allemaal typisch Monogram. Het gietwerk is keurig, er is geen flash. Wel zijn er hier en daar grote aanhechtingspunten van de onderdelen aan de gietramen, dus loshalen met een klein zaagje wordt sterk aanbevolen.

De passing van de grote onderdelen is helaas ook typisch Monogram: niet overal even loepzuiver. Goed droogpassen kan een hoop plamuur schelen! Zo zijn de onderhelften van de beweegbare vleugels inzetstukken, die hier en daar een beetje te diep komen te liggen. Daar zullen wat flintertjes plastic onder moeten worden geplaatst. Het resultaat is wel een scherpe achterrand en een mooie voorrand. Er zijn geen uitgeschoven flaps en slats, maar foto’s laten zien dat de EF-111A’s vaak genoeg met opgeschoonde vleugels werden geparkeerd. Een ander punt van aandacht zijn de resten van de uitdrukpennen in de onderste helft van de romp. Er zitten er twee in het zicht in de motorinlaten en de twee ernaast verhinderen een goede passing van het voorste schot van de hoofdwielbak. Weghalen dus.

De bouwbeschrijving is conform de huidige Revell lay-out, volledig in kleur en leidt in 28 duidelijke stappen tot het eindrersultaat. Uiteraard is de oorspronkelijke Monogram bouwbeschrijving goeddeels gevolgd. Een uitzondering betreft onderdelen 21 en 22: de inzetstukken in de romp die de gaten voor de zwenkvleugels moeten dichten als ze naar voren gedraaid zijn. Revell raadt aan ze weg te laten als de vleugels naar achteren worden gedraaid. De originele Monogram handleiding geeft aan deze onderdelen alleen aan de achterzijde te lijmen, bij de pin. Dan kunnen ze naar binnen buigen als de vleugels naar achteren worden gedraaid. Of dat zo ook werkt of dat de keuze van Revell beter is ga ik uitproberen.

Het is ook handiger de horizontale staartvlakken pas te monteren als de romphelften zijn vastgelijmd, zodat de naad beter kan worden afgewerkt. Het is een simpel klusje om het nokje van het asje te halen en later bij montage het staartvlak te fixeren met een zelfgemaakt opsluitringetje.

Kleuraanduidingen zijn er uiteraard alleen voor Revell verf. Overwegend prima, behalve de kleursuggestie voor de cockpit. Revell 76 en 374 lijken niet op FS36231, Dark Gull Grey, wat bij zoveel Amerikaanse vliegtuigen de juiste tint is van het cockpitinterieur.
Op vier pagina’s worden de kleurenschema’s voor de twee opties in kleur weergegeven met vier aanzichtentekeningen. De opties zijn een EF-111A gebruikt tijdens operatie “Desert Storm” in 1991 en een EF-111A gestationeerd op de Engelse basis Upper Heyford in 1986. De kleurenschema’s zijn nagenoeg gelijk, op de tint van de neus na (moet je mengen). De juiste FS-nummers staan erbij: FS 36492 voor het lichte grijs en FS 36320 voor het donkere grijs. En dat is maar goed ook, want wederom zijn Revell 371 en 374 hier niet de juiste kleuren voor en zal je ze dus van een ander favoriet merk moeten betrekken. Het zijn grote duidelijke tekeningen die ook goed de plaatsing van de dienstopschriften ("stencilling”) aangeven.
Een niet eens zo heel groot vel erg mooie decals, compleet met veel stencilling maken de kleurenschema’s af. Ze zijn ontworpen door de Duitse firma Airdoc, die ook aan aftermarket decals doet. De decals zijn gedrukt in Italie, en daar zitten de beste decaldrukkers.

Deze EF-111A is een goedkoop alternatief voor het mooie maar dure model van Hasegawa (€49,95) en waarschijnlijk ook voor de Italeri ex. ESCI EF-111A. Die is nu niet in de catalogus, maar mocht Italeri hem opnieuw uitbrengen, dan wordt deze waarschijnlijk ook aan de prijs. Als je opliggende paneellijnen geen probleem vind heb je met deze Revell uitgave een mooi model.

Met dank aan Revell voor het beschikbaar stellen van het model,

 

Reviewer:  Peter Booij

 
 

deze recensie werd op de IPMS.NL website gepubliceerd 11 december 2020