De kwaliteit van de vleugels verschilt sterk per kit. Bij de oudere kits zijn de vleugels vaak veel te dik, vooral aan de achterlijst. Bij supersone vliegtuigen is ook de voorrand scherp. Als de vleugel uit een onderhelft en bovenhelft bestaat, dan kunnen de helften dunner gemaakt worden door aan de binnenzijde te schuren op een glasplaat met waterproof schuurpapier. Over het algemeen kan het profiel niet in de vleugel geschuurd worden. Dit is niet erg, want het is nauwelijks zichtbaar.
wing

 3.12.1 Tweedekkers en geribbelde vleugels

Het uitlijnen van vleugels van tweedekkers moet met een geodriehoek gebeuren. Vijl eerst enig profiel in eventuele vleugelstijlen. Enigszins geribbelde vleugels kunnen met een wat schuurpapier gewikkeld on een rond houtje worden geschuurd. Zorg dat alles goed symmetrisch is. Bij tweedekkers zijn vaak spandraden maar ook besturingskabels [3.6.5] op en onder de vleugels en langs de romp aanwezig. Vergeet deze niet!

Ook zijn vaak "kabelspanners" te zien, deze zijn voor de grotere schaal 1/32 zelfs afzonderlijk te koop, zoals van Gaspatch.


tweedekker

 

 

 

 

 3.12.2 Opvouwbare vleugels

Marine-vliegtuigen zijn vaak voorzien van opvouwbare vleugels met verschillende scharnierconstructies. Zaag de vleugel door op de scharnierlijn. Let op, want deze kan bij de linker- en rechtervleugel en zelfs ook aan boven- en onderzijde anders zijn. Zet de vleugels altijd vast. Het gaat ten koste van de schaalnauwkeurigheid om deze beweegbaar te houden. Maak de verbinding tussen binnenvleugel en opgeklapte buitenvleugel stevig met een stuk ijzerdraad dat met contactlijm wordt vastgezet. Daarna wordt de detaillering aangebracht met ribbetjes van card en de nodige leidingen van sprue.
wingfold...wingfold2wingfold5
 
 

 3.12.3 Stuurvlakken en kleppen aan vleugels

Voor de besturing zijn uiteraard alle vliegtuigen voorzien van stuurvlakken als rolroeren (ailerons), richtingsroer aan de staart (rudder) en hoogteroer (elevator). Daarnaast zijn er nog draagkracht verhogende vlakken in de vorm van kleppen (flaps) aan de vleugelachterrand, en soms kleppen (slats) aan de voorrand. Om te remmen op de grond of in de lucht zijn er vaak nog remkleppen (airbrakes, liftdumpers, spoilers) aanwezig. Het geven van een aparte stand aan deze stuurvlakken voegt wat extra toe aan het model. Bekijk altijd eerst goed foto's. Ieder vliegtuig heeft zijn eigenaardigheden. Als de hydraulische druk weg is, dan zakken sommige vlakken onder het eigen gewicht naar beneden.

 3.12.4 Het uitzagen van kleppen en stuurvlakken

Zeer nieuwe kits hebben soms al de mogelijkheid om de vlakken in een aparte stand te zetten. Meestal zal er echter gezaagd moeten worden. Voordat met het uitzagen begonnen wordt, moet eerst gecontroleerd worden hoe de zaagsnede loopt op de bovenhelft van de vleugel en aan de onderzijde. Is de vleugel uit slechts een stuk gemaakt, dan kan wat prutswerk met card en plamuur toch uitkomst bieden. Ook het diep inkrassen aan onder- en bovenzijde en daarna losbreken wil soms werken. Zijn er twee aparte helften, dan is de zaak veel eenvoudiger. Apart loszagen met een electrische zaag of met de handzaag. Lossnijden kan ook, dat hangt een beetje af van de dikte van het plastic. Daarna alles netjes bijvijlen.

 3.12.5 Kleppen ("flaps")

Bekijk goed met wat voor kleptype het toestel is uitgerust. Soms klapt alleen de onderhelft naar beneden (splitflap). De klep moet zeer dun en scherp gevijld worden aan de achterrand. Dit geldt ook voor de achterrand van de zaagsnede aan de vleugel. De binnenzijde van vleugel en klep hebben vaak een afwijkende kleur. Soms is het nodig om geleidingsrails aan te brengen waarlangs de klep beweegt. Maak dit van wat dikker card, en laat dit een stuk doorlopen in de vleugel. In de kleinere schalen is met schaduwwerking en donkere randjes ook veel mogelijk. Kleppen aan de vleugel achterrand noemen we in het engels: trailing edge "flap";  die aan de vleugelvoorrand "slats".
flap

 3.12.6 Rolroeren ("ailerons")

Rolroeren zitten aan de uiteinden van de vleugel. Wat vaak vergeten wordt is dat de beide rolroeren een tegengestelde uitslag hebben (bijvoorbeeld rechts omhoog, links omlaag). De uitslag naar boven is meestal iets minder als de uitslag naar beneden. Moderne gevechtsvliegtuigen hebben soms wat afwijkende rolroeren (flaperons).

 3.12.7 Richtingsroer ("rudder")

Het richtingsroer aan het vertikale staartvlak geeft uitgezaagd een veel beter gezicht. Vergeet niet de eventuele stuurstangen of kabels aan te brengen.

 3.12.8 Hoogteroer ("elevator")

Het hoogteroer heeft links en rechts dezelfde uitslag. Hoogteroeren van de grotere oudere vliegtuigen hebben vaak nog een naar voren uitstekend gedeelte (het hoornbalansvlak) om de stuurkrachten te verkleinen.

 3.12.9 Liftdumpers, remkleppen ("spoilers")

Deze systemen verschillen sterk per kist. Bekijk goed de foto's. Bij passagiersvliegtuigen zijn ze vaak in de bovenzijde van de vleugel voor de kleppen aangebracht. Bij militaire gevechtsvliegtuigen zijn vaak losse remkleppen in de romp aangebracht. airbrake

Als deze opengezet worden, dan moet het binnenwerk worden aangebracht samen met de werkcylinder. Soms zitten er gaten in de remkleppen. Boor deze uit.

 3.12.10 Details aan stuurvlakken ("control surfaces")

Aan de stuurvlakken zitten vaak nog kleine trimvlakjes (tabs) en bedieningsstangen of kabels. Bij rolroeren van oudere type vliegtuigen zijn vaak ook nog kleine contragewichtjes te vinden. Vergeet verder niet om een binnenwerkje van plastic plaat in de vleugel aan te brengen tegen de inkijk.